Doctor in de rechten (Universiteit Luik, 1956) - Doctor in de sociale wetenschappen (Universiteit Luik, 1963)
Assistent (1958-1963), werkleider (1963-1967), geassocieerd docent (1967-1970), gewoon (1970-1985), vervolgens buitengewoon (1985-1999) hoogleraar aan de Universiteit Luik (rechtsfilosofie, arbeidsrecht); lid van de Afdeling Internationale Arbeidsnormen van het Internationaal Arbeidsbureau (1964-1965, 1965-1966); adjunct-kabinetschef van de minister van Justitie (1982-1985); staatsraad (1985-1989).
Benoemd tot rechter in het Grondwettelijk Hof bij K.B. van 22 november 1989.