Doctor in de rechten en kandidaat in de politieke en diplomatieke wetenschappen (ULB, 1955).
Voorzitster Nationale Raad voor Jeugdbescherming (1975-1981); voorzitster Hoge Raad der Werken voor Kinderwelzijn (1979-1983) en voorzitster (1983-1988) en ere-voorzitster (sedert 1988) Dienst voor Geboorte en Kinderwelzijn; senator (1981-1991; fractieleidster PRL 1984-1991); volksvertegenwoordiger (1991-1992); ere-ondervoorzitster van de Koning Boudewijnstichting.
Benoemd tot rechter in het Grondwettelijk Hof bij K.B. 21 december 1992.